Een boek dat de wereld omvat

Bekijk Petrus Apianus, Cosmographicus LiberPetrus Apianus, Cosmographicus LiberBoeken waren heel belangrijk in de verspreiding van informatie over de nieuw ontdekte continententen. Niet Spanje of Portugal, maar het Zuid-Duitse Nürnberg werd het belangrijkste centrum van waaruit boeken over de Nieuwe Wereld kaarten, globes en nautische instrumenten werden geproduceerd.

In het nabijgelegen Landshut publiceerde de wiskundige en cartograaf Petrus Apianus in 1524 een Cosmographicus LIber dat een aanvulling wilde zijn op het werk van Ptolemeus. In het eerste deel werden de basisdefinities van de geografie uiteengezet, het systeem van lengte-en breedtegraden, de windrichtingen en het gebruik van de aardglobe. Het tweede deel bevatte, net als in het werk van Ptolemeus, de beschrijving van de verschillende regio's van de wereld. Het boek eindigde met de beschrijving van de nieuw ontdekte gedieden in Afrika, Azië en Amerika. Kenmerkend voor Apianus' boek was het gebruik van zogenaamde volvellen, met touwtjes en lijm geconstrueerde papieren instrumenten die de astronomische principes op een beweegbare manier uitlegden.

Het boekje kende aanvankelijk niet veel succes. Nadat Apianus hoogleraar wiskunde was geworden in Ingolstadt, bracht hij in 1531 een kortere versie op de markt, de Cosmographiae Introducto. Dit boek werd wel een succes en kende 13 edities in de zestiende eeuw. Apianus had intussen afstand gedaan van de rechten op zijn eerste boek. Dat belandde bij de Antwerpse uitgever Roeland Bollaert, die zich had gespecialiseerd in werken over geografie en kosmografie. Bollaert vroeg de jonge Gemma Frisius om het boek van Apianus te bewerken voor een nieuwe uitgave. Deze editie werd een groot succes. Het boek kende minstens vijftien Latijnse uitgaven, acht Nederlandse, vijf Franseen twee Spaanse. Hoewel de titel altijd de naam van Apianus vermeldde, had de Duitse cartograaf met de productie niets meer te maken. De Cosmographia Apiani, zoals het boek bekende wer, was in grote mate het werk van Gemma Frisius geworden.

(Geert Vanpaemel)