| BIB-journaal | nr. 20 - mei 1998 |
Informatieblad voor het bibliotheekpersoneel van de K.U.Leuven
De toegangscontrole voorbij ...Ontwerpers van portefeuilles spelen handig in op de explosieve groei van allerhande soorten kaarten om diverse vormen van dienstverlening aan de gebruiker doeltreffend te organiseren. Denken we maar aan het rekeningrijden dat perfect kan zonder dat de autos hoeven te stoppen. Wanneer ze door een tolportaal passeren wordt automatisch een bedrag van een smartcard afgeschreven! Ook voor bibliotheken bestaat er een brede waaier van toepassingen op basis van magneetstrip- en chipkaarten en elektronische labels die de barcodes kunnen vervangen. De nieuwe studentenkaart, die ook dienst doet als bibliotheekkaart en als sportkaart, is een magneetstripkaart, voorzien van drie sporen. Een eerste spoor wordt gebruikt voor de koppeling met de LIBIS-databank, een tweede voor de sportkaart en een derde is beschikbaar voor de banken, zodat de kaart in principe ook zou kunnen gebruikt worden als betaalmiddel. Door de integratie van de studentenkaart met de bibliotheekkaart werden de bibliotheken geconfronteerd met een hybridisch identificatiesysteem, nl. de magneetstrip voor lezers en de barcode voor boeken. De uitleenposten moesten bijgevolg voorzien worden van een magneetkaartlezer voor de lezerskaart en van een barcodereader voor boeken. Met eenzelfde situatie hebben de bibliotheken af te rekenen die werken met een toegangsregistratie- en controlesysteem. Omdat de servicekaart voor externe gebruikers er bv. nog niet is, krijgen de externen nog steeds een barcodekaart. Dit betekent dat in- en uitgang telkens met een magneetstrip- en een barcodelezer moeten uitgerust worden. Tenzij consequent gekozen wordt voor het blijven aanmaken van barcodekaarten voor alle bibliotheekbezoekers. Nu meerdere deelbiliotheken op het punt staan of overwegen om een toegangsregistratie- en controlesysteem te installeren, lijkt het nuttig de aandacht te vestigen op enkele punten waarvoor op korte en op lange termijn een antwoord moet gevonden worden. Op korte termijn vragen de bibliothecarissen de verwezenlijking van de rechtstreekse koppeling van het LIBIS-PC-programma voor toegangsregistratie ACCESS met LIBIS en later met AMICUS. Voor het dubbele kaartengebruik kan men decentrale encoderingsapparaten (op campusniveau?) plaatsen waarmee kaarten voor externe gebruikers kunnen aangemaakt worden. Ook zijn er nog steeds pleitbezorgers voor het aanbrengen van de barcode met het LIBIS-lezersnummer op de magneetkaart/studentenkaart. Voor de aanpak van de toegangsproblematiek moet op lange termijn naar een totaaloplossing op K.U.Leuven-niveau gezocht worden. Nu de Technische diensten in overleg met LIBIS-Net bekijken hoe de identificatie- en toegangsfunctie voor gebouwen kan gerealiseerd worden met zgn. proximity of contactloze (chip)kaarten, moet het bibliotheekwezen zich afvragen welke functies zij in de kaart- en labeltechnologie wil integreren. In de LIBIS-werkgroep circulatie kan bekeken worden welke mogelijkheden een bibliotheekkaart moet bieden. Daarbij komen zowel de verbetering van interne bedrijfsprocessen als de verbetering van de dienstverlening in aanmerking. Afhankelijk van de doelstellingen kan dan bepaald worden welke kaart en welke labels de beste oplossing bieden. Er kan ook een onderscheid gemaakt worden tussen verschillende gebruikersgroepen, waarvoor niet noodzakelijk eenzelfde dienstenpakket en eenzelfde kaart dienen voorzien te worden. Bestaande functies zoals diefstalbeveiliging met magneetstroken, circulatie via DOBIS/LIBIS met magneetstrip- en barcodelezer en toegangsregistratie door een LIBIS-PC-pakket met eveneens magneetstrip- en/of barcodereader, kunnen d.m.v. de juiste kaart- en labeltechnologie geoptimaliseerd worden. Automatisch registreren van uitlenen en inleveren, automatisch registreren van bibliotheek-bezoek en diefstalbeveiliging kunnen dan gecombineerd worden. Naast de fysische toegangscontrole kan ook de toegang tot databanken, de zgn. logische toegang, met kaarten geregeld worden. In de automatische uitleenbalies zal een betaalfaciliteit moeten ingebouwd worden voor het betalen van boetes, het reserveren enz. Ook voor nieuwe vormen van dienstverlening zoals (elektronische) documentleverantie kan, al dan niet gedifferentieerd naar de gebruiker toe, elektronisch betaald worden. Meerdere opties zijn mogelijk, zoals het ontwikkelen van een Proton-interface voor LIBIS/AMICUS, of gebruik van de studentenkaart als betaalkaart. Uiteraard kwamen hier niet alle aspecten van het gebruik van chipkaarten voor bibliotheken ter sprake. De bibliotheeksector heeft er alle belang bij tijdig een goed dossier samen te stellen voor het overleg met de Technische diensten, LUDIT, Studentenonthaal- en registratie. De huidige kaarttechnologie biedt uitstekende kansen tot samenwerking en multifunctionaliteit, die ten volle moeten benut worden. Intussen kan het invoeren van het toegangsregistratie- en controlesysteem voor de bibliotheken alvast aantrekkelijker gemaakt worden met de middelen die ter beschikking staan. (Met dank aan Ludo Devroye en Bernard Kerckhoven) |
Onze oprechte felicitaties gaan naar:
We sluiten ons aan bij de rouw van onze collegas:| UITNODIGING BIB-BARBECUE Gelet op het succes van de vorige editie wordt ook dit jaar aan een heruitgave gedacht!
U wordt nog persoonlijk
uitgenodigd, maar noteer deze datum alvast in uw (vakantie)-agenda. |
BibWeb flink uitgebreid
Bij het begin van dit academiejaar werd de nieuwe lay-out voor de www-paginas van de bibliotheek voorgesteld. Toen waren vooral algemene paginas van de Universiteitsbibliotheek en paginas van de Centrale Bibliotheek volgens die nieuwe stijl ingevuld. Het redactiecomité BibWeb heeft zich sindsdien samen met vele bibliothecarissen uit de betrokken bibliotheken hard ingespannen om voor elke bibliotheek aan de K.U.Leuven een stel paginas volgens hetzelfde vormelijke en inhoudelijke schema op het net te brengen.De resultaten daarvan bent u nu aan het
bekijken op het web ...
De Centrale Bibliotheek, de bibliotheken van de campus Gedragswetenschappen,
Geesteswetenschappen en Biomedische wetenschappen en van de campus Kortrijk zijn nu bijna
helemaal afgewerkt. Voor de bibliotheken van de nieuwe campusbibliotheek Exacte
wetenschappen wordt met het oog op hun nakende reorganisatie nog wat gewacht. De
paginas van de faculteitsbibliotheek Letteren dienen als oefenveld voor de
toepassing van de nieuwe K.U.Leuven-huisstijl op bibliotheekpaginas.
Tot nu toe werden er een kleine 600 paginas aangemaakt, met daarin voor ongeveer 3,5
megabyte tekst en ongeveer 5,5 megabyte grafische elementen. Er is dus al heel wat
informatie beschikbaar voor zowel bibliotheekgebruikers als bibliothecarissen van de
Leuvense Universiteitsbibliotheek. Een deel van die informatie is heel statisch, zoals
openingstijden en sluitingsdagen, adressen, gegevens van contactpersonen, enz.. Maar een
deel is ook heel dynamisch: men probeert nieuwigheden en weetjes zo snel mogelijk langs
het web aan te kondigen en toe te lichten (zoals bv. het proefproject met elektronische
tijdschriften). Men kan er ook heel wat handige lijsten vinden, bv. van de meest
nuttige elektronische informatiebronnen die in een bepaalde bibliotheek ter beschikking
van de gebruiker staan. Vaak biedt de bibliothecaris zelf in een Leidraad voor opzoekingen
een overzicht aan van wat hij als de meest voor de hand liggende informatiebronnen voor
opzoekingen in zijn vakgebied beschouwt. Voor wie een meer omvattend beeld wil van de
elektronische informatiebronnen die aan de hele K.U.Leuven beschikbaar zijn, werd er een
algemeen overzicht opgesteld. Dit wordt aangeboden in een alfabetische lijst en in een
lijst naar onderwerp. U kan deze lijst raadplegen door onderaan het scherm Databanken aan
te klikken. Bij elke titel is er een korte uitleg over inhoud en toegankelijkheid.
Databanken die langs de ERL-server (Electronic Reference Library) worden aangeboden zijn
rechtstreeks aanspreekbaar vanuit de webpaginas. Om technische redenen kan dit nog
niet voor de cd-roms die op lokale netwerken worden aangeboden, zoals we dat bv. kennen in
de Executive Lounge van de Gentse UB. Wel blijkt uit het overzicht dat de Leuvense
Universiteitsbibliotheek zeker niet achteraan bengelt wat het aantal aangeboden
elektronische bronnen betreft.
Deze paginas zijn ontworpen om de bibliothecaris werk uit handen te nemen. Bezoekers
kunnen van tevoren en van op afstand informatie verzamelen over de bibliotheek waar zij
naartoe willen; bezoekers die zich al in de bibliotheek bevinden kunnen voor bepaalde
inlichtingen of het verder uitdiepen van informatie voor het scherm plaatsnemen. Alleen al
met dit doel vragen we dat overal zoveel mogelijk pcs als standaard startpagina de
homepage van de betreffende bibliotheek zouden krijgen (wat makkelijk in de browser
ingesteld kan worden). We vragen ieders medewerking om deze paginas beter te leren
kennen, ze te gebruiken en het gebruik ervan aan de bezoekers van de verschillende
bibliotheken aan te raden.
Eerste Europese universiteiten-rangschikking:
Bibliotheken KU Leuven scoren eerder hoog
Het weekblad Der Spiegel heeft wellicht voor het eerst in de geschiedenis, naar Amerikaans voorbeeld, een ranking van Europese universiteiten opgemaakt. Uiteraard zorgde dit onmiddellijk voor een storm van protest van allerlei betrokkenen, waarbij vooral de gebruikte methode op de korrel werd genomen. Deze is inderdaad erg betwistbaar, maar er bestaat natuurlijk geen echt sluitende methode en de cijfers zijn toch ook niet helemaal uit de lucht gegrepen.
Hoe ging Der Spiegel tewerk? Vooraf werd een eerste preselectie doorgevoerd wat betreft de onderzochte faculteiten: men beperkte zich tot rechten, economie, ingenieursstudies en taalwetenschap, uiteraard een eerste (nog kleine) "vertekening". Daarna werd aan 1 090 professoren gevraagd naar welke universiteit ze hun kind zouden sturen voor deze opleidingen. Per vakgebied werden dan de meest genoemde 36 instellingen opgenomen, maximaal zeven voor de grote landen, minimaal één voor de kleine landen. In totaal gaat het om 102 verschillende universiteiten, waarbij dus sommige instellingen voor meerdere onderdelen werden geselecteerd. Deze tweede preselectie is natuurlijk een veel grotere vertekening, want hier worden lang bestaande vooroordelen bevestigd. Zelfs professoren lijken over het algemeen nauwelijks de precieze toedracht aan de andere universiteiten van hun land te kennen. Voor België rolden dan ook alleen de K.U.Leuven en de UCL uit de bus, terwijl dit er dus minstens vier verschillende hadden kunnen zijn. Blijkbaar werd de K.U.Leuven voor alle vier eerst gerangschikt door de proffen ...
De eigenlijke vergelijking werd dan
gemaakt door interviewers te sturen naar de 102 universiteiten en daar per vakgebied aan
50 studenten zeventien vragen te stellen (voor de ingenieurs twintig). In totaal werden
7 434 studenten ondervraagd. Het problematische van dit onderdeel is de vraag of de
kritische ingesteldheid van de studenten niet verschilt van land tot land en of alle
vragen wel toepasbaar zijn op alle instellingen. Een laatste relativerende bedenking: in
Frankrijk werden de ENS (Ecoles Normales Supérieures) niet opgenomen, maar dat zijn daar
wel de eigenlijke topinstellingen. Het onderscheid tussen de zeer gesloten
elite-instellingen (ook financieel) en de open universiteiten met massa's studenten speelt
natuurlijk ook een grote rol in het eindresultaat.
Vier van deze zeventien vragen handelen over de bibliotheek en wij hebben nu precies deze
vier geïsoleerd om een rangschikking van bibliotheken te maken. De vier vragen betreffen
het boeken- en tijdschriftenaanbod, de toegang tot databanken en de openingstijden. Dat is
dus ook enigszins betwistbaar want het is eerder documentatiegericht, en hecht minder
belang aan het service-aspect, maar goed.
En voor wie na dit alles toch nog denkt dat deze rangschikking zinvol is ... daar gaan we
dan
We vermelden alleen de top-10 van de bibliotheken en voegen ter informatie ook de eindrangschikking van Leuven wat betreft de faculteit als geheel toe. Het puntensysteem is vrij ingewikkeld maar voor alle duidelijkheid: het laagste getal is het beste.
Bibl. Rechten |
Bibl. Economie |
|||||
| 1 | K.U.Leuven | 6.6 | 1 | Cambridge | 6.1 | |
| 2 | Passau | 6.9 | 2 | Siena | 6.3 | |
| 3 | Oxford | 7.2 | 3 | Passau | 6.7 | |
| 4 | Arhus | 7.3 | 4 | Bayreuth | 7.0 | |
| 5 | Lissabon | 7.5 | 5 | Warwick | 7.1 | |
| 6 | Freiburg | 7.6 | Milaan | 7.1 | ||
| 7 | Zurich | 7.9 | 7 | Lausanne | 7.7 | |
| 8 | Cambridge | 8.0 | 8 | K.U.Leuven | 8.0 | |
| 9 | Tilburg | 8.1 | Athene | 8.0 | ||
| 10 | Aut. Un. Madrid | 8.2 | 10 | Paris IX | 8.1 | |
K.U.Leuven faculteit Rechten: 4e plaats K.U.Leuven faculteit Economie: 10e pl.
Bibl. Ingenieurswet. |
Bibl. Taalwetensch. |
|||||
| 1 | Kopenhagen/Lyngby | 7.0 | 1 | Helsinki | 7.0 | |
| 2 | ETH Zurich | 7.2 | 2 | Bielefeld | 7.5 | |
| 3 | Oxford | 7.3 | 3 | Cambridge | 7.6 | |
| Imperial Coll. London | 7.3 | 4 | Lausanne | 8.0 | ||
| 5 | Cambridge | 7.5 | 5 | Zurich | 8.1 | |
| 6 | Lyon I Villeurbanne | 8.1 | Compl. Madrid | 8.1 | ||
| 7 | TU Eindhoven | 8.2 | 7 | UCL | 8.4 | |
| 8 | K.U.Leuven | 8.9 | Un.. Coll. London | 8.4 | ||
| Karlsruhe | 8.9 | Oxford | 8.4 | |||
| 10 | Durham | 9.0 | 10 | K.U.Leuven | 8.5 | |
| Pisa | 9.0 | . | ||||
K.U.Leuven fac. Toegepaste wet.: 10e pl. K.U.Leuven faculteit Letteren: 4e pl.
De rechtsbescherming van databanken Het is niet zo bijzonder duidelijk of de Wet van 30 juni 1994 betreffende het auteursrecht ook geldt voor elektronische informatie. Het was alleszins de bedoeling toen het auteursrecht tot stand kwam het alleenrecht van de auteur op het reproduceren van zijn werk te laten slaan op alle mogelijke vormen daarvan. Maar digitale informatie en elektronische dragers hebben hun eigenheden die niet goed gevat kunnen worden in de termen die in feite afgestemd waren op gedrukte informatie. En vooral: met elektronische informatie is wel wat meer mogelijk dan met gedrukte en dus kwam er vraag naar een eigen aangepaste regelgeving. De Europese Commissie liet er in ieder geval geen twijfel over bestaan en vaardigde een richtlijn uit betreffende de rechtsbescherming van de databanken (11 maart 1996). Die richtlijn moet nu omgezet worden naar Belgisch recht. Dat proces is bezig. Binnenkort krijgen we een nieuwe wet die niet veel meer zal doen dan de richtlijn vertalen.1. Wat is een databank ?
De Europese richtlijn definieert een databank met drie elementen :
het is een verzameling (compilatie zegt het Belgische wetsontwerp) van werken, gegevens of andere zelfstandige elementen
die systematisch of methodisch zijn geordend
en afzonderlijk met elektronische middelen of anderszins toegankelijk zijn (art. 1, 2 richtlijn 11.3.96).
Op te merken valt dat de definitie niet enkel op elektronische databanken slaat. Een kaartcatalogus bijv. is ook een databank. Dat leidt naar de vraag die voor bibliotheken zeer belangrijk kan zijn: als het de bedoeling is databanken te beschermen, wat valt er dan allemaal onder? Is bv. een tijdschrift een databank ?
2. Waarom een databank beschermen ?
De grondgedachte van het auteursrecht is dat de creativiteit van de schrijver of kunstenaar wordt beschermd. Welke is echter de creativiteit van de auteur van een databank ? Datgene wat de databank bevat, is het werk van anderen, en dat wordt al beschermd door de wetgeving. Het enige wat origineel kan zijn aan een databank, is de constructie ervan: de selectie van de gegevens, de ordening en het programma dat het mogelijk maakt een bepaald gegeven op te zoeken. De wetgeving op de rechtsbescherming van de databanken maakt dan ook een onderscheid tussen enerzijds het auteursrecht dat enkel slaat op de constructie van de databank, wanneer die door de keuze of de rangschikking van de stof een eigen intellectuele schepping van de maker vormen (art. 3, 1 van de Richtlijn van 11.3.1996), en anderzijds de inhoud van de databank, waarvoor een eigen soort recht wordt gecreëerd, een recht sui genesis.
3. Wat is een kopie uit een databank ?
De term kopiëren wordt als
zodanig niet direct aangewend. Het begrip wordt opgesplitst in twee specifieke
toepassingen waarvoor termen opvragen en hergebruik worden
geïntroduceerd.
Het opvragen is de permanente of tijdelijke overbrenging van de inhoud van een databank of
van een substantieel deel ervan op een andere drager, ongeacht op welke wijze en in welke
vorm. Openbare uitlening wordt niet als opvragen beschouwd.
Hergebruik is elke vorm van het aan het publiek ter beschikking stellen van de inhoud van
een databank of van een substantieel deel ervan, door verspreiding van kopieën, verhuur,
online transmissie of in een andere vorm. Openbare uitlening wordt niet als een hergebruik
beschouwd. (art. 2 wetsontwerp, art. 7, 2 van de richtlijn).
In de regel kunnen we zeggen dat wat een gebruiker doet, opvragen is, en dat
wat de bibliotheek doet, hergebruiken is. Essentieel is dat de gebruiker niet
kan opvragen vooraleer de bibliotheek eerst hergebruikt heeft, d.w.z. de
inhoud van een databank aan het publiek ter beschikking heeft gesteld.
4. Wat mag en wat mag niet ?
4.1. Auteursrecht
De intellectuele schepping van
de databank, door de keuze of de rangschikking van de stof, is voorwerp van
het auteursrecht. Dit gebeurt door de bestaande Wet van 30 juni 1994 uit te breiden met
bepalingen over databanken. Dit betekent dat het eigene van de databank (keuze van de
gegevens, rangschikking van de stof) niet mag worden overgenomen zonder toestemming van de
auteur.
Normaal moet dit ook betekenen dat ook de uitzonderingen, waardoor de auteur de
reproductie van zijn werk niet kan verbieden, van toepassing moeten worden gemaakt op
databanken. Dat is echter niet helemaal zo. In de auteurswet gelden de uitzonderingen voor
privé-gebruik, onderwijs en onderzoek. Wat databanken betreft, valt de uitzondering voor
privé-gebruik weg als het om een elektronische databank gaat. Ieder privé-gebruik,
buiten de sfeer van onderwijs en onderzoek, is verboden. Het vergt de toestemming van de
auteur.
Waarom die beperking op de uitzonderingsregels? We hebben het als volgt horen uitleggen
door een adviseur van een uitgever. Veronderstel dat iemand een speld zoekt in een
hooiberg. Dank zij de zoeksoftware die aan de databank verbonden is wordt hij recht naar
die speld geleid. Dat is een intellectuele creatie. Daarin is geïnvesteerd. Daarvoor moet
dus ook betaald worden.
4.2. Recht sui generis
Dit recht slaat dus op de inhoud van de
databank. De fabrikant van een databank...heeft het recht het opvragen of het
hergebruik van het geheel of van een in kwalitatief of kwantitatief opzicht substantieel
deel van de inhoud van die databank te verbieden. In de praktijk bekent dit: je
krijgt toelating tot de databank als je betaalt.
En zijn er uitzonderingen voor onderwijs? Ja. Maar : die uitzondering geldt voor de
rechtmatige gebruiker en ze slaat enkel op het opvragen. Wie is
een rechtmatige gebruiker? Degene die gedekt wordt door een licentie. En wat is opvragen?
Iets wat alleen maar kan nadat de databank aan het publiek ter beschikking is gesteld en
werd hergebruikt. En daarop, op het hergebruik, zijn geen uitzonderingen. Het
kan enkel mits toestemming van de leverancier van de databank.
5. Wat betekenen de uitzonderingen voor het beginsel recht op kennis?
Zolang het auteursrecht alleen betrekking
had op gedrukte informatie, was er een aanvaardbaar evenwicht tussen het recht van de
auteurs om de reproductie van hun werken te verbieden en het recht op informatie. Dit werd
geregeld door de uitzonderingen op het recht van de auteur.
Bij databanken hebben die uitzonderingen hun ware betekenis verloren. Voor bibliotheken
bestaan er geen uitzonderingen. Ze zullen altijd de toelating van de databankproducent
nodig hebben om ze ter beschikking te mogen stellen en dus in de meeste gevallen moeten
betalen voor een licentie. Geen informatie als je niet betaalt. Dat is de situatie. Het
recht op kennis wordt dus zeer duidelijk bedreigd. Het risico dat de kwaliteit van een
opleiding afhankelijk wordt van de mate waarin de student of zijn instelling kunnen
betalen, is zeer reëel.
De volgende twee jaar zal er hard gebakkeleid worden over de nieuwe Europese richtlijn die
de verschillende toepassingen van het auteursrecht moet harmoniseren. Het is een laatste
kans om van ons af te bijten om het recht op kennis veilig te stellen.
Ward Bosmans
Enkele kerncijfers bibliotheken K.U.Leuven (eind) 1997
Campus |
Geest. |
Gedrag. |
Exacte |
Biomed. |
Kortr. |
SUBT. |
BIBC |
TOTAAL |
| Voltijdse eenh. | 23 |
25,8 |
17 |
15,4 |
7,9 |
89,1 |
66,9 |
156 |
| Volumes* | 1423 |
363 |
485 |
172 |
206 |
2649 |
1078 |
3727 |
| Lop. tijdschr. | 3351 |
3374 |
3000 |
2262 |
590 |
12577 |
3597 |
16174 |
| Uitgaven** | ||||||||
| boeken | 12089 |
6448 |
3500 |
655 |
3352 |
26044 |
9655 |
35699 |
| tijdschriften | 6362 |
11019 |
18000 |
26072 |
3483 |
64936 |
4503 |
69439 |
| cd-roms /andere | 280 |
5222 |
200 |
285 |
131 |
6118 |
5346 |
11464 |
| Totaal | 18731 |
22689 |
21700 |
27012 |
6966 |
97098 |
19504 |
116602 |
| Andere uitg.** | 5955 |
6346 |
2900 |
6644 |
1603 |
23448 |
9737 |
33185 |
| IBL-aanvragen | ||||||||
| - uitgaande | nvt |
nvt |
10260 |
10384 |
1913 |
22557 |
7400 |
29957 |
| - inkomende | nvt |
nvt |
6105 |
49897 |
1351 |
57353 |
10500 |
67853 |
* (x 1000) ** (BEF x 1000)
Voor
alle mededelingen en suggesties betreffende BIB-journaal : |
| Laatste wijziging: 05 augustus 2003 |
Inhoud: Dirk Aerts |
Opmaak: Raf van der Donckt |